Helga van Leur voorspelt: “De urgentie wordt steeds breder gevoeld”

18 oktober 2017

“In de periode dat ik het weer presenteerde, is de gemiddelde temperatuur met een halve graad gestegen, volgens sommige berichten iets meer. Dat merk je niet elke dag, maar langzaamaan ga je het wel zien. Aan de luchtigere kleding in je klerenkast. Het feit dat we lang niet meer zo vaak op natuurijs kunnen schaatsen. Het uitblijven van de Elfstedentocht. We hebben ook vaker extreem weer. Zo krijgen we steeds meer heftige, tropische buien. Dat heeft te maken met de luchtvochtigheid: als de temperatuur oploopt, komt er meer verdampt water in de atmosfeer.”

Buurkracht foto helga van leur 2
Helga van Leur voorspelt: “De urgentie wordt steeds breder gevoeld”

In 20 jaar tijd presenteerde Helga van Leur zo’n 7000 keer het weerbericht bij RTL. Afgelopen zomer stopte ze daarmee. Niet omdat ze genoeg had van het weer, maar juist omdat het klimaat haar zo ter harte gaat. De meteorologe zet haar expertise nu in om voorlichting te geven over klimaatverandering en mensen te inspireren een duurzame levensstijl aan te nemen. “Ik wil niet dat mijn kinderen straks zeggen: waarom heb je niks gedaan?”

Wat zijn de gevolgen als die lijn zich doortrekt?

“Naar verwachting stijgt de gemiddelde temperatuur de komende 20 jaar in Nederland nog eens een halve graad. Dat klinkt misschien best aangenaam, maar we bereiken vaker record hoge temperaturen, de nachten koelen moeilijker af, het wordt natter en we krijgen langere periodes van droogte. Dat heeft bijvoorbeeld gevolgen voor de opbrengsten van het land en daarmee de voedselvoorziening. Voor de infrastructuur: hoe krijgen we al dat regenwater weggepompt? Voor de veiligheid: hoe voorkomen we overstromingen? Om die ontwikkelingen terug te draaien, moeten we nu acuut stoppen met de uitstoot van alle broeikasgassen. Dat kan dus niet. Misschien moeten we accepteren dat de straat af en toe onder water staat. Dat we eens een paar dagen zonder stroom zitten – hoe erg is dat nou? Bedenk waar je kwetsbaarheid zit. En ondertussen moeten we natuurlijk wel zo veel mogelijk doen om de gevolgen beheersbaar te houden.”

Wat kunnen wij zelf doen?

“Heel veel. Op allerlei aspecten in je leven kun je je eigen CO2-voetafdruk beïnvloeden. Dat begint bij energie besparen. En zorgen dat wat je dan nog inkoopt aan energie, 100 procent groen is. Maar het helpt bijvoorbeeld ook als je bewust omgaat met voedsel en als je je mobiliteit anders inricht: neem vaker de fiets of het openbaar vervoer. De meeste mensen weten dat allemaal wel, maar emoties zitten vaak in de weg: je wil bijvoorbeeld tóch die vakantie naar Bali maken. Iedereen moet vooral z’n persoonlijke keuzes maken. Maar het zou mooi zijn als je dan ook kijkt hoe je zoiets kunt compenseren.”

Hoe doe jíj dat?

“Bijvoorbeeld door bewust te eten en soms stiekem vegetarisch gehakt te gebruiken voor de taco’s – niemand die het merkt. Het hele huis is geïsoleerd, er liggen zonnepanelen op en ik sta ingeschreven voor de nieuwe Tesla die over een paar jaar op de markt komt. Maar ook ik sta voor een dilemma: ik zou dolgraag van het gas af willen. Er ligt ook een plan. Maar je praat al snel over € 25.000,- en je hele huis moet overhoop. Maar is dat het dan? Zijn we niet te vroeg? Aan de andere kant: een auto verdien je ook niet terug. En weet je wel wat kinderen kosten? Daarbij praat je toch ook niet over terugverdientijden? Bovendien: als ik sta te verkondigen dat we met z’n allen van het gas af moeten, moet ik zelf het goede voorbeeld geven. En het lijkt me verschrikkelijk als mijn kinderen straks zeggen: ‘Waarom heb je niks gedaan?’”

Ben je nog wel optimistisch?

“Er moet in korte tijd veel gebeuren. Daarvoor is het belangrijk dat grote industrieën meegaan, wereldwijd. Het is goed dat zo veel landen zich aan Parijs verbonden hebben en ik ben blij dat de overheid verduurzaming nu ook hoog op de agenda zet. De urgentie wordt steeds breder gevoeld en dat is een goed teken. We gaan toe naar een nieuwe economie waarin we niets weggooien, maar alles zo veel mogelijk in de cirkel houden. Dat hangt ook met sociale aspecten samen. Met saamhorigheid. We moeten samen aan de slag om te zorgen dat we dingen voor elkaar krijgen. Dat begint lokaal, in de buurten. Ik vind het geweldig dat buren met elkaar projecten opzetten om energie te besparen of op te wekken. Zo help je elkaar andere keuzes te maken en te kijken wat je verder nog kunt doen. En het werkt aanstekelijk!”

Een bijeenkomst bij jou in de buurt?