Besparen met gelijkstroom

09 oktober 2014

Als je huis gebouwd is in de jaren 80 of 90, dan is de kans groot dat je een ventilatiesysteem hebt met een wisselspanningsmotor. In de Groningse Buurkrachtbuurt De Wijert-Zuid is een van de buurtacties: de oude ventilator vervangen door een moderne, met een gelijkspanningsmotor. Scheelt tientallen euro’s per jaar en de investering is dus snel terugverdiend. Han Slootweg, hoogleraar Elektrotechniek aan de Technische Universiteit Eindhoven én manager bij Enexis, over hoe dat zit.

Buurkracht 141009 han slootweg   ref 2396 digital
Han Slootweg

Wat is het verschil tussen wisselstroom en gelijkstroom?

“De namen zeggen het al: bij gelijkstroom gaat de stroom in een kabel of apparaat steeds dezelfde kant op; bij wisselstroom wisselt de richting voortdurend. In het Europese elektriciteitsnetwerk gebeurt dit 50 keer per seconde. Dat betekent bijvoorbeeld dat de lampen in je huis 100 keer per seconde aan- en uitgaan. Zo snel dat je het niet ziet. Veel apparaten, zoals televisies en opladers, werken op gelijkstroom. Ze zijn voorzien van een zogenoemde ‘gelijkrichter’, die de wisselstroom uit het net omzet in gelijkstroom.”

Waarom zijn gelijkstroomventilatoren energiezuiniger dan ventilatoren op wisselstroom?

“Voor een lamp maakt het niet uit of je er wisselstroom of gelijkstroom op zet. Maar zo’n ventilator heeft een motortje dat je met wisselstroom eigenlijk 50 keer per seconden een duwtje geeft. Dat kost meer energie dan als je hem met gelijkstroom van een continue stroom van energie voorziet. Sinds de jaren 80, toen ventilatoren op wisselstroom de standaard waren, is de techniek om wisselstroom om te zetten in gelijkstroom sterk verbeterd. Daardoor kunnen fabrikanten tegenwoordig ventilatoren maken met een gelijkrichter die op gelijkstroom lopen. Deze gelijkstroomventilatoren zijn veel energiezuiniger dan hun voorgangers op wisselstroom.”

Als zo veel apparaten gelijkstroom nodig hebben of zuiniger zijn met gelijkstroom, waarom heeft dan niet het hele netwerk gelijkstroom?

“Energiecentrales, windmolens en andere energiebronnen wekken elektriciteit op die via het elektriciteitsnetwerk ons thuis bereikt. Elektriciteit moet dus vaak over grote afstanden vervoerd worden en daarvoor heb je hoge spanningen nodig. Thuis is juist een relatief lage spanning nodig. Voor het omzetten van hogere in lagere spanningen en andersom worden transformatoren gebruikt. Die kunnen alleen maar werken op wisselstroom en niet op gelijkstroom.”

De Wijert-Zuid

Speel het gratis energiespel

Een bijeenkomst bij jou in de buurt?

De Wijert-Zuid